donderdag 30 juni 2011

Zoals het klokje...





zachte kleuren vullen de kamer
weggevlucht van ’ t neonlicht
hondenharen op je stoel
maar een lach
siert jouw gezicht

*

Schaduwbeeld


zonnestralen omvatten
haar silhouet
zo vertrouwd, maar
toch zo ver

werkzame handen, zoeken
in de kelders van je geest

want als jaren gaan tellen
lijkt het alsof vandaag
nooit is geweest


woensdag 29 juni 2011

Flarden wit






als de dageraad gloort
koesteren fluisterstemmen
gehavende bomen, en
schudden merelmoeders
hun nest

in de verte
klinkt een vrolijk lied, daar
zoemen zeven dikke bijen
hun allergrootste zomerhit

waar de bloemen hun blaadjes drogen
breekt zacht oranje
in flarden wit

zondag 26 juni 2011

Uit balans




bij het ontwaken
zweven je gedachten
voor even op nul

waarna een grote klap
de sluimerende onrust
voortstuwt
de koude werkelijkheid
veranderde al het blauw
in donker zwart

voor jou begint de dag
met kromme tenen, en
een steen in je hart

zaterdag 25 juni 2011

Stilstand...


liefde opent de poort
naar vroeger
waar lange jaren
smelten in de eerste dooi

gedeelde herinnering
blijft hangen
tussen de schommels
en de wip

één moment
verandert alles
slechts één zijden draadje
maakt het verschil

ergens
tussen zongekuste dagen
en druilerige regen
vertellen witte muren
de waarheid

en jouw wereld
staat voor even stil

donderdag 23 juni 2011

Doorleefd




doffe ogen
tekenen diepe lijnen
op het smetteloos wit plafond
maar het dikke gebreide vest
is niet genoeg om de kou te verdrijven

haar lege stoel blijft gezelschap zoeken
en aan de tafel vol uitgelezen kranten
delen de kaarten rond

vandaag,
alweer te laat voor het nieuws

woensdag 22 juni 2011

Herfstpirouette





vanavond
dragen de bomen gala
het ruisen van hun kronen
hangt  als muziek
in de grijze lucht

alle blaadjes dansen mee
in dit sprookjesachtig
herfstballet

waar een zachte bries
ritme geeft
vormt een wolk van regen
hun frisgewassen avondtoilet


dinsdag 21 juni 2011

Maangekust


de hemel ademt diepe rust
en duisternis
laat daggeluiden verdwijnen

langzaam
neemt de nacht bezit

slechts één klein straaltje, piept
tussen de gordijnen

als ik je welterusten kus


Met uitjes















de wind baant zich een weg
tussen de wirwar in je hoofd
en frisse zeelucht, doordrongen
met zilte belofte
zet al je zintuigen op scherp
nog een klein stukje, ja
daar wappert
rood, wit en blauw

want de hollandse nieuwe
die blijven we trouw



maandag 20 juni 2011

Alles is liefde


de zachte omarming
bij het weerzien
gloeit nog lang na, en alles
verandert als bij toverslag

deze kostbare momenten
verstopt in de kleine dingen
op een doodgewone dag
breken voor even
onze dagelijkse sleur

bij het horen
van haar lieve lach


zondag 19 juni 2011

In stilstaand water


de storm is geluwd
jarenlange dreiging
sloot z,n ogen, en
en een nieuwe toekomst
ontwaakte op de o.k.,

maar waarom, staat het water
dan nog steeds stil…..

dinsdag 14 juni 2011

Morgenstond


haar slapeloze nacht, maakt
plaats voor een nieuwe dag
en zachte glimlach
laat diepe lijnen vagen

nieuwe  levenswarmte
doorstroomt haar verkilde hart
koesterend omvatten de stralen
het doorleefde gezicht

zolang de jonge merels uitvliegen
tonen verlegde grenzen hoop

zondag 12 juni 2011

Zilte tranen



zacht kabbelende golven
trekken sporen
op het verlaten strand
waar de laatste stern
klapwiekend is vertrokken

een spoor van voetstappen
naast elkaar, verbonden
door een hechte liefdesband
één hart, twee namen
getekend
op het natte zand

elke liefde lijkt oneindig...

tot de golven haar wegvoeren
en slechts zilte tranen vloeien
aan de stille waterkant

Open armen


er is vast...
een trap naar de hemel

aan het eind
van dit bestaan

waar in het licht
van de eeuwige nacht

geloof, hoop en liefde

dwalende harten
verwarmen 

met een
ongekende kracht

zaterdag 11 juni 2011

Gesloten


als zachte regen
verandert in tranen
waakt de verwarming op één 

op tv flitst constant dezelfde reclame
vol lege beloften, en vuile was
stapelt

stilte laat lege glazen klinken, onder
voortdurend tikken
van de oude keukenklok, uur na uur

de natuur houdt haar adem in
zelfs vroege vogels fluisteren, totdat
deze innerlijke storm is geluwd

Tussen vroeger en nu


vergeten gevoelens ontwaken
en herinneringen, beroeren
voor even haar hart

als vroeger en nu, elkaar
ontmoeten in een zachte bries
de zon tekent grillige figuurtjes
op haar gerimpelde armen
zo leeg en koud...

terwijl verderop
de rode pioenen bloeien
onder een sluier van verlies


Doolhof


seizoenen  verspringen
de wereld draait door
maar zij komen
niet vooruit

naamloze gezichten
verwarren hun geest
vastgespijkerd in gemis
monddood door stilte

altijd op zoek
naar wat ooit is geweest
blijven zij dwalen
voor altijd verloren in tijd


Dicht bij jezelf


zoek  geluk
niet in een ander
maak je sterk
kies voor jezelf

toon respect
en leef bewust
je zult zien
het gaat vanzelf

zie elke dag
als een nieuwe start,
probeer te genieten
met heel je hart


Evenwicht


ben altijd op zoek
naar de gulden middenweg
het plekje,
tussen gevoel en verstand

onzeker balancerend
op die dunne lijn
heb je ’t vaak in eigen hand

ons hele leven
bestaat uit keuzes,
we moeten kiezen telkens weer

vaak…
spreekt gevoel de boventoon, en
legt verstand er zich bij neer

 - want sommige kansen
krijg je nooit meer -


Bollende zeilen


het strand raakt uit zicht, en
zilver gekopte golven, kabbelen
als zeilen bollen
rondom eindeloos blauw

krijsende meeuwen
scheren tussen witte wolken, en
de opkomende storm
laat wangen blossen, met
de onbevangenheid
van een kind

dit gevoel, is niet te evenaren
vrijheid laat je vliegen
vliegen,
op de vleugels van de wind


Moeders dag


in haar lege kamers
slapen verstomde kinderstemmen
en ontwaken lange dagen, in
het zachte ochtendlicht

herinneringen houden zich schuil
achter het schuurtje, waar
tussen  het opblaasbadje en de driewieler
een ware veldslag heerst

de hond likt zijn bot en de katten
zitten veilig in de vensterbank

maar de koffiekan blijft leeg


Afstand


strak gesloten gordijnen
houden de wereld buiten
op tafel
restanten van 't ontbijt

tegen het huis
leunt zijn kapotte fiets, naast
een stapel oude kranten
gebundeld voor het goede doel

de ongewassen ramen
blikken onvriendelijk, waar
de zon vrolijk schijnt
maar de afstand is te groot

Voorbij


witte wolken
begraven dode lelies
en dagen rijgen
langzaam tot weken


waar uren verstrijken
in gemis

Nooit meer


kostbare tijd
is eenmalig

terugdraaien
kan niet meer

boze woorden
kun je vergeten

maar binnenin
blijft oud zeer

deze afstand
is niet
te overbruggen

nooit meer


Gebakken lucht


het zoute water
stroomt geruisloos, en
tussen de verscholen duinen
speelt immense stilte
haar viool

in het zachte schijnsel
van de nieuwe maan, waar
geluiden spreken zonder woorden
dansen stiekeme geliefden
hun zwanendans

wanneer
de laatste klanken sterven
raakt verboden liefde, reddeloos
verloren in de hete adem
van de nacht

omvat door zachte armen, gekoesterd
door gebakken lucht

Als parels



dikke tranen
beparelen
zachte wangen

en vervolgen
hun pad

langs
jouw  slanke hals

waar ze langzaam
verdampen

in de adem
van een
warm hart


Te laat


bange uren verslapen, terwijl
de nacht haar leegte vult
maar de zon lijkt altijd net te ver
ogen spreken brabbeltaal, en
de werkelijkheid ontwaakt in tranen
totdat het grote aftellen begint

want verderop,  achter die gesloten deur
vertellen uitgebloeide rozen
hun eigen verhaal


Snippers


witte meeuwen
scheren boven de uitgestrekte zee
en gebroken golven
deinen langzaam mee, op brieven
vol kapot gescheurd verdriet

de zilte lucht kalmeert
en alle muizenissen, pas ontwaakt
dansen op het verlaten strand
samen met de stukgelezen verhalen
alle acht


Klaproos


gedragen
op tengere stengels

zwevend
als een ballerina
in de groene wei

bedanst
jouw rode tutu

fladderend
de voorjaarswind

voor altijd
blijf jij

mijn allermooiste
bloemenkind


Zeewaardig


in zijn kale woonkamertje
staan roze geraniums
op de vensterbank
drie voor een tientje bij de bas

terwijl buiten de storm loeit
boven de bloeiende tulpen
in het piepkleine tuintje
naast de schuur

in de overvolle bus
onderweg naar het strand
kletsen zijn verhalen
tegen dovemansoren

maar eenmaal op het strand
rollen de golven
er razendsnel vandoor
met nieuwe flessenpost


Kwetsbaar

wanneer een leven
wordt verstikt 
onder een waas
van geweld

breekt de dag
in duizend stukjes

Diefje met verlos


op de krakende vloer
ligt nog steeds hetzelfde parket
en kale muren openen de deur
naar het verleden


jeugdherinneringen
spelen tikkertje in mijn hoofd
gelokt door de geur
van bloeiende seringen


de lege schommel
met het versleten touw
hangt stil aan de oude eik
waar bebloesemde takken


zachtjes fluisteren
in verhalen van toen


terwijl de hitte zindert
in de zwoele avondgloed
hebben verleden en heden
elkaar voor even ontmoet

Lente


laat je tenen wiebelen
in winterschoenen
witte armen
verlangen naar zomerblos 
kon het altijd
maar zo blijven

lente,
maakt het beste in je los


Luchtspiegeling


tranen vloeien, als ’t zout
gebarsten lippen likt
maar achter de horizon, waar zee
en lucht elkaar kussen
gloort een spoortje hoop

daar dansen de gouden bergen
een tango op blote voeten
verblind door eeuwige sneeuw


Ochtendsluimer

als de dageraad
sluiert

laat een
broze stilte

strelende handen
lieven

en voelbaar
verlangen

ontwaakt

in kwetsbaar
samenzijn

Als zand


vandaag
lijkt alles bedekt
onder zwarte mist
de tijd is voorbij
dat jij alles nog wist

vroeger wordt gister
en jouw jeugd
komt steeds dichterbij

als gezichten
hun naam verliezen

dierbare herinneringen
vluchtig als zand
glippen één voor één
door je stijf gesloten hand


Doorkijkje


als de dag ontwaakt
torent de kerktoren trots
de rest grijst verborgen 

in de schaduw van het water
treurt een wilg, serene rust
tussen eeuwige graven

waar sluiers van mist
’s nachts het land belagen
parelt dauw, als tranen
tot in lengte van dagen

Time out


soms verlang je naar stilte
een gat in het geluid
je volle hoofd leegmaken
voor even
alle stoorzenders d, r uit  

ongestoord
genieten van de rust
tijd om te overdenken
zonder al die herrie
even met jezelf alleen

misschien
is dit het juiste moment
voor een nieuwe start

denk goed na,
maar volg wel altijd je hart


Neem me mee


dwalend over het verlaten strand
verstoppen koude handen zich diep
in zakken zonder verleden, en
maken schelpen eerbiedig plaats
voor de jutter zonder haast

bleke zonnestralen, blikken
naar golvende boeien
dobberend in rood en zwart
stilte ontdooit, liefde ontwaakt
en ik grijp je hand


Afscheid zonder woorden


jouw tenger lichaam
door ziekte gebroken
koestert zich
als een zeldzame roos
pas ontloken
in het felle ochtendlicht

maar niets
kan jouw innerlijke kou verdrijven

dan plotseling, als in een droom
los je langzaam op
tussen de platgetrapte madeliefjes


Roots


met de jaren
groeit het verlangen
naar jouw vaderland
verre roots blijven lokken
aan de stille waterkant

er mist een stuk …
jouw levensgeschiedenis
is nog niet af
de drang blijft
om deze reis te maken

voor even stil te staan
bij je vaders graf


Jij en ik

ik spiegel me
aan jouw glimlach

jij verblijd m,n dag
in gouden dromen
en bevrijd
m,n gevangen hart


waarna  duisternis
voor even licht wordt
maar zwart,
blijft altijd zwart